Normaal is Alf altijd heel blij als het vakantie is. Maar nu vindt hij het minder leuk. Hij heeft gezegd, dat hij nergens wil logeren. Hij vindt het zelfs niet leuk, dat ze twee weken in de duinen gaan kamperen. Hij is bang, dat hij de hele vakantie Thamar niet kan zien. Zes weken! En hij heeft het haar vergeten te vertellen, van de vakantie en dat ze dan veel weg gaan. Zwemmen, vissen, fietstochtjes maken.
Hij kan toch moeilijk steeds zeggen, dat hij niet mee wil. Ze laten hem niet een hele dag alleen thuis, weet hij.
De eerste vakantieweek moet zijn moeder nog werken.
Vader wil die week veel in de tuin doen, omdat die goed in orde moet zijn, voor ze gaan kamperen.
"Met dat warme weer groeit het allemaal flink door. Vooral het onkruid. We moeten maar flink jonge bonen oogsten en invriezen, anders zijn ze misschien te groot geworden als we terug komen," vertelt vader.
Ze werken 's ochtends in de tuin en 's middags gaan Alf en vader naar het zwembad. Alf vindt zwemmen fijn. Het leukste vindt hij de grote waterglijbaan. En elk half uur gaat er een toeter. Dat betekent, dat er golven komen in het diepe bad. Dan is het bij het laagste stuk net of je in de zee bent en kun je je heerlijk door de golven laten meenemen.
De vierde vakantiedag is het wat minder zonnig.
"Zullen we vanmiddag een eindje gaan fietsen?" stelt vader voor.
"Ik heb niet zo'n zin," zegt Alf.
"Wat wil je dan?"
"'k Weet niet. Wandelen of zo."
"Oké, dan gaan we wandelen."
Alf wil liever alleen, maar dat durft hij niet te zeggen.
"Naar het terrein?" vraagt hij.
"Dat blijft je wel trekken, hè?"
"Je hebt het ook al heel lang beloofd!"
"Toen ben je toch met mama geweest?"
"Pff! Die deed zo tuttig! Ik heb toen nog niks gezien!"
"Dat was niet tuttig! Wat onaardig om te zeggen, Alf! Je weet heel goed, dat was afgesproken, dat er alleen om het terrein heen gelopen zou worden. Dat gaat kennelijk een beetje moeilijk."
"Ik wou dat ik een hond had," zegt Alf.
"Hoezo dat nu weer?"
"Dan ging je met die hond vast wel naar het terrein."
"Dat denk ik niet."
"Pff, bijna iedereen met een hond doet dat."
"Oh ja? Wie zegt dat?"
"De mensen met een hond, natuurlijk!"
"Daar geloof ik niets van!"
"Ik heb het zelf gezien!" roept Alf uit.
"O?" doet vader met zo'n waarschuwend toontje in zijn stem.
"Houd jij je soms niet aan de afspraken?" vraagt hij scherp.
Alf kan zijn tong wel afbijten.
"Ik zie mensen met een hond naar het terrein gaan," zegt hij.
"Zo?! En hoe kun jij dat nu zien?"
Alf voelt zich heel bibberig van binnen, maar hij probeert niets te laten merken.
"Met mijn ogen natuurlijk!" zegt hij bits. Hij loopt naar zijn kamer en gooit de deur met een klap dicht.
Na een poosje wordt er op zijn deur geklopt. Zonder Alfs reaktie af te wachten, komt vader zijn kamer in.
"Waarom doe je zo lelijk?" vraagt vader zachtjes.
Alf zegt niets.
"Gaan we straks nog wandelen?"
"Geen zin," bitst Alf.
"Zonet had je daar nog wel zin in."
"Je wilt toch niet wat ik wil."
"Zullen we naar de sloot waar zoveel kikkers zitten?"
"Dat doe ik zo vaak!" mokt Alf.
"Maar ik niet. En jij kent vast mooiere plekjes dan ik."
Alf denkt na. Hij weet een mooi plekje, pal bij het gat in het hek... Het brengt hem op een idee.
"Ga je dan weer zitten schetsen?" vraagt hij, nog half saggerijnig.
"Vind je dat vervelend?"
"Ja."
"Oké, dan ga ik niet schetsen. Maar gaan we dan kijken of we kikkers zien?"
"Best."
Wat later wandelen ze voorbij de flats. Vader heeft een rugtas om met limonade, boterhammen en sinaasappels erin.
"Zoek jij een plekje uit om te picknicken?" stelt hij voor.
Alf denkt diep na. "Waar ik het laatst kikkers heb gezien." Hij jokt een beetje, want hij heeft al tijden niet meer naar kikkers gezocht.
Ze lopen over het smalle bruggetje over de sloot, Alfs kortste weg naar het terrein. Je kunt vandaar het hek al zien, maar Alf kijkt er expres niet naar en loopt verder langs de sloot, richting het gat. Hij doet net of hij kikkers zoekt. Daar waar je het gat nog net niet kunt zien, maar er wel pal bij, zegt hij: "Dit vind ik een mooi plekje."
Vader kijkt verbaasd om zich heen.
"Ik vind het er hier miserabel uitzien. Het gras is óf te hoog om erin te zitten, of bijna doodgetrapt. Maar oké... "
Ze gaan in het hoge gras langs het water zitten. "Wil je een boterham?" Maar voor Alf antwoord heeft kunnen geven, springt vader geschrokken op.
"Gatver!" vloekt hij. "Gatverdamme! Ik ben op poep gaan zitten, geloof ik."
Alf schiet in de lach.
"Zie je wel, dat hier veel honden komen!" proest hij.
Vader kan er niet om lachen. "Help me liever. Zoek een blad of zo!"
"Getver!" zegt Alf op zijn beurt, als hij probeert de poep van zijn vaders broek te vegen.
"Ik doe het zelf wel!" zegt vader ongedurig. Hij probeert zijn broek met een papieren zakdoekje schoon te vegen. Hij haalt een natte voet als hij zijn handen te haastig probeert te spoelen in het slootwater.
Alf kan zijn lachen niet meer inhouden.
"Jaja, lach jij maar om het leed van een ander," zegt vader, maar hij kijkt zowaar wat vrolijker.
Als hij eindelijk een hap van een boterham neemt, roept hij weer: "Getver!". Dit keer is het een andere schrik. Een wit-zwart gevlekt hondje rent ineens pal voor ze langs.
"Waar komt die opeens vandaan?"
"Van het terrein natuurlijk," zegt Alf. Wat een mazzel, denkt hij bij zichzelf. Een wat oudere man loopt even later achter het hondje aan. "Goeimiddag!" mompelt de man.
"Ook goeiedag!" zegt vader.
De man en het hondje verdwijnen richting bruggetje.
"Ik zie geen kikkers. Zeker te warm, vandaag," zegt vader.
"Zullen we verder lopen?" vraagt Alf.
Vader ziet even later het grote gat in het hek, maar wil doen of hij niets ziet en doorlopen. Maar Alf zegt: "Kijk pap, dat gat; daar gaan de mensen met een hond door."
Vader bromt wat.
"Pap, kunnen we niet samen even daar gaan kijken?"
Vader zucht. Maar hij is ook een beetje nieuwsgierig geworden.
"Hè, toe nou pap.. Jij bent er toch bij, dan kan er toch niets gebeuren," zeurt Alf.
Vader zucht weer.
"Daar zijn alleen struiken, er is niets te zien," bromt hij.
"Dat is dan in ieder geval geen moeras!" reageert Alf spits.
Vader glimlacht.
"Oké, jij wint, Maar eventjes maar, he."
Ze kruipen door het gat, vader voorop.
|