Rik van Boeckel


In deze file:

Rond Place Bouquier
Dadadang
Vuurwerk op Quatorze Juillet
Dionysos in Terrasson
Ballade van de accordeons
Een boot over de Dronne
Muzikale avondmeditatie aan de Dronne
De gospelzangeres
'Round midnight' op de camping
Marionetten van het verleden


Rond Place Bouquier

De 'voisins de mer' lachen,
de Baskische nar geeft me toch
een hand, alsof hij in mij een broeder herkent,
Kukubiltxo maakt van de Place Bouquier
een middeleeuws plein

Modorro en Astapito rennen
nerveus heen en weer op hun stelten,
de ridicule helden zijn in duel,
één avond lang

Bobo, de nar, rent van mij
naar de boot met voeten,
springt langs de treden
naar de byzantijns-romaanse kerk,
de acrobatische vlerk

als de nacht binnentreedt
droom ik dat kinderen
voor mij een muur omverduwen
zodat ik verder kan wandelen

van Amsterdam naar Parijs
een zonderlinge reis, ik zing:
'ik ben een clown die onhandig is,
die gelukkig is, die lachen kan
om zijn eigen handicap'

clown Broello, mijn andere broeder,
doet op een plein in Zuid-Frankrijk
zijn triangelact, hij telt de maat,
1-2-3-4, uitgebeeld door ballonnen

ik zie hoe zichtbare handen
spelen met marionetten,
THEATRE DU LOUP BLANC,
DU CHEMIN CREUX,
DU BOSC-DUMARCET,
ik hoor vertellers
een lied van Edith Piaf,
'tout le maf',
de draaiorgels van Marcel et Amelie

de Baskische nar groet mij,
achter de ramen van het Dogtroepbusje
zwaaien de handen-tut tut,
het draaiorgel speelt een rumba
van Chick Corea, een zachte droom

'ca cartonne'
roepen de Franse kinderen,
draaien zich om naar mij,
clown incognito,
de 'voisins de mer' zwijgen
ik zie mezelf verdwijnen
in de tijd,
ik reis naar binnen
langs de zinnen van mijn bestaan
langs de hemel en de hel,
langs het vuur van mijn hart,
langs de eenzame dalen
waar bossen bleek zien van bladeren,
waar gedachten niet meer tellen,
waar het verleden een leugen lijkt
die de waarheid van het heden
geweld aandoet

ik lees het boek van mezelf,
de bladzijden die ik omsla
zijn slap, zacht, hard,
vol ellendige, vrolijke, bestendige,
olijke, onweerstaanbare, opzienbarende
spannende angstaanjagende kracht

ik zie de oude vrouw,
levenloze levensechte 'voisin de mer'
haar glimlach verstijft
alsof een standbeeld uit het verleden
haar geheugen binnendrijft

Bobo, de nar, zwaait naar mij,
zijn ogen zijn de spiegels
waarin ik mezelf zie,
Modorro en Astapito slapen,
het publiek gaapt,
de bootsvrouw slaat eentonig
op haar lome drum

als zij opspringen
zet de stoet zich in beweging,
voor het oog van de kerk
zie ik de heksen branden,
doeng doeng doeng doeng
doengdoengdoeng,
magische slagen, roffels
uit andere eeuwen

ik zie mijn handen spelen,
de 'voisins de mer' dansen,
Bobo swingt op zijn handen,
de bootsvrouw dreunt de maat,
het publiek klapt,
de middeleeuwen grijnzen
naar onze tanden

rond Place Bouquier
zingt de nacht
haar theatrale lied,
'jammer jammer en geniet,
want het leven is mooi,
mooier kan het niet'.


Dadadang

Dadadang, dadadang,
dangdang, tsji, tsji,
trekketrekketrekketrekke,
andiamo Bergamo
dadang dadadang

Noord-Italiaanse slagwerkersparade,
science-fictionpercussie,
fanfare van de toekomst,
anders dan het Quatorze Juilletdefile
van oud-strijders

straten van Terrasson,
vastlopend verkeer,
tut-tut tut-tut
dadadang tut-tut
dangdangda dangdadang

tuttutung doengdoengdoeng,
doengdada doengdada dadadong
tuttut trekketrekke dong

vliegend over het water
van de Vezère, deltavliegers
van het ritme

ritmo staccato,
ritmo futuro,
ritmo Bergamo Dolomito

parade van stokken,
fanfare van bruggen,
optocht der ruggen,
'andiamo Terrazono'


Vuurwerk op Quatorze Juillet

Vliegend over het water
van de Vezère, de tijd,
zij zag het vuurwerk
brug en kerk verlichten

het is Quatorze Juillet
spetterende kleurrijke gedichten
vallen uiteen in de lucht,
het klaterend applaus
als laatste gerucht

de tijd is rustig verder gegaan
in haar kano, langs landschappen,
alledaags voor de Dordognière,
ongewoon voor de buitenstaander

vliegend over de Vezère,
het verdriet, de gedachte:
'alleen zijn is net zo goed geluk,
al is samen zijn gezelliger'

vliegend over het water
van de Vezère, een lied van Edith Piaf,
die tijd is even teruggegaan,
'la douce France et la noblesse triste',
verzonken met de stroom.


Dionysos in Terrasson

De wijn vloeit rijkelijk,
van dageraad naar dageraad
reist mijn hart, Dionysisch hart,
vliegend hart,
ritmisch rijmend dichtend hart

het Dionysisch hart van Barcelona
-ooit zong zij voor mij haar naam-
wordt nu gedragen door de draconische
zonen van Hades naar de oever
van de Vezère

de carnavaleske duivels,
zij donderen,
de pyromanen van hart,
zij spuwen vuur,
en jagen de kinderen achteruit

in het demonisch theater van Paloq Sea
ontmoeten Spanje en Afrika elkaar,
zoals eens in Colombia,
op Cuba, Hispanola-cha-cha-cha

Paloq Sea, sarabande van vrolijke
duivelse energie op ritmes
uit een zinderende oertijd

Dionysos strijkt neer op het terras
van zon, wijn en marionetten,
negerinnen, dansend op het plein
der sterren, groeten hun verleden,
Colombia ontmoet Frans West-Afrika,
'papa blanc' draagt tatoeages
op zijn gezicht, lijkt op een Lambiek
uit het vreemdelingenlegioen

denkend aan de Franse pizzaman
uit Ziguinchor komt de Casamance
ineens weer dichterbij,
kanoend over de Vezère
zie ik onzichtbare krokodillen
aan de ritselende waterkant

'Transit Senegambia', oh denkbeeldige
piroque, vaartuig langs de oevers van de tijd,
ik hoor en zie de Amazones van Guinee,
de vrouwenstem van de Wassoulou
de tintelende klanken uit de kora
van Dialimadi Kouyate

ik voel de heimwee in mij hart,
Diamono, Senegal, Diamono Barcelona,
Diamono Terrasson, andiamo Bergamo

ver weg die tijd
ver weg, de straten van Dakar,
het zand aan mijn voeten,
de ogen van jonge Afrikanen
starend naar een kwellend verleden,
naar een warrige toekomst,
naar mij, 'mon amie'

ik reis weer door de Casamance,
het landschap doet me denken
aan Zuid-Frankrijk,
'le paysage de la Casamance,
l'arrondissement d'Oussouye,
region du Perigord Noir'

Dionysisch tromgeroffel dendert
dondert davert in mijn hart,
dansend drijf ik de nacht in
op weg naar de volgende dageraad.


Ballade van de accordeons

De man kamde zijn snor,
snorde zijn kam,
had een kam als snor,
zijn accordeons
BETOVERDEN
zijn
magische HANDEN

HOEDEN
uit
de kast van M
A
R
G
R
I
T
T
E
waren simpel als het ware
desalniettemin
niettegenstaande
het feit dat hij zijn snor
LEVENSGROOT
bij zich droeg

op
zijn ronde
hoofd gezet
de
mannen-bolhoed bolhoed-
verbeelden
een taptoe
-ah ah oe oe
oe oe ah ah
comme ci comme ca
retteketet boem boem
-
aan IMPRESSIES

rustig, nimmer duizelingwekkend,
beschaafd, nimmer provocerend,
oh ja, de kapstok droeg
DAMESSCHOENTJES
CA VA

en de accordeons
drukknopdragende
steeds
groter
wordende bonbons

ZIJ CHANSTEN
-in amitié-
met het manneke

'parbleu, nous chantons
les chansons
des accordeons
nous soufflons, parlons
comme les bonbons de terrasson,
nous sommes
LES ACCORDEONS
de la DORDOGNE

toen zei het manneke
-en streek langs zijn snor-
'adieu, impressions des accordeons',
ik ga, 'adieu mon dieu,
MON COEUR CHANTE
comme une AVEUGLE'

een blinde, zei 't andere manneke,
ach ja, wie wordt er nu
VERLIEFD
op een accordeon?

de man kamde zijn snor,
en zweeg,
snorde zijn kam,
en zweeg

C'EST CA.


Een boot over de Dronne

Over de Dronne vaart vader
met zijn zoon, zijn stok drijft
de boot verder

het begint langzaam te regenen,
maar de zoon geniet van de eenden,
vader kijkt naar hem,
ziet de vrolijke blik in zijn ogen

het geluk drijft dichter naar zijn hart,
de regen deert hem niet,
de stilte van het water zegt genoeg.


Muzikale avondmeditatie aan de Dronne

Wandelend, glijdend
langs de ziel van mijn bestaan
zie ik ze gaan,
vogels, vluchtige momenten
van geluk,
hun vleugels deinend
op het toeval van de wind

woyéyé, woyéyé, meegevoerd
over de stroom des levens
tel ik mijn onnoemlijke gedachten,
zittend aan de oever van de Dronne
hoor ik haar stem,
ziel van de Wassoulou,
de caravans naast mij
glijden weg langs de bomen
van het verleden

Afrika, o Afrika,
het bruist in mij,
kedoengtak kedoengtaktak

takken weerkaatsen
de stroom van de muziek,
mijn hart trilt
in opperste verwondering.


De gospelzangeres

Zij zong gospels uit een oude tijd,
de maan speelde met de wolken,
als een vlam met het duister,
ik voelde de weemoed zingen in mijn hart,
amor, amor, amor, een ster viel,
ik voelde de pijl in mijn hiel

oh, opzienbarende leegte
riep ik tegen de stem van de nacht,
hoeveel sterren vullen jouw bestaan,
hoe vaak zal ik ze horen,
oude gezangen
vanuit het hart van de maan

in de glinstering van de rivier,
Vezère is haar naam
zag ik haar rimpelend gezicht,
dansend in het schuifelend licht.


'Round midnight' op de camping

'Round midnight' op de drums
van de Dogtroep,
het terras van de zon
werd een 'terras de l'orage'

het vuur spuwen van de ijzeren draak
viel samen met de bliksemflits
die de lucht in tweëen spleet

toen het publiek wegvluchtte
voor donder en regen,
sloeg de oermens in op de draak

RETTEKETET BOEM BOEM,
de trompetten verstomden,
(Dexter Gordon speelt door),
de rollende donders dreunden
eendrachtig verder
(BOEM BOEM BOEM BOEM,
Dexter Gordon verstomt)

rond middernacht
was de camping vervuld
van een stille slapende kracht,
(de zon breekt door,
zuinig en zacht).


Marionetten van het verleden

Terrasson, zomers theater
aan de zoete klank van de rivier,
ik kijk terug op jouw heldere blik

geen schimmen maar marionetten
die de avond verzoeken stil te staan,
ik wandel langs de 'voisins de mer',
MARIONETTEN LEVENSECHTE MARIONETTEN,
ik zing nuances,
dragend kleuren en geuren
van een ver verleden,
schittering van vurige sterren,
eenzaamheid van het hart,
stemmen die ik niet kan spreken

Brantome, Afrika aan de Dronne,
de bomen in zwijgende regressie,
Sona Diabete, Oumou Sangare
-walkwomen down the stairs in my ears-
zij brachten een oud verleden terug

Brantome, eenzaamheid
en samenzijn, haar handen,
haar hart, verstrengeld
met de mijne, het mijne.


RIK VAN BOECKEL


©St. NoPapers

Terug naar overzicht